11 augustus 2026

Schade in de baan door de hitte en droogte

Er ontstaan steeds meer kale zanderige plekken in de baan. Dit zijn abnormale baanomstandigheden waarvoor een tijdelijke plaatselijke regel geldt. Deze schade is grond in bewerking die mag worden ontweken zonder straf volgens regel 16.1.

Ook op Leeuwenbergh ondervinden we de gevolgen van de aanhoudende hitte en droogte. Het gras is hier en daar behoorlijk dor en geel. Dit wordt gezien als een natuurlijke omstandigheid die hoort bij de uitdaging van het spel. En dan geldt: speel baan zoals je hem aantreft en speel de bal zoals hij ligt.

Inmiddels ontstaan echter ook steeds meer kale zanderige plekken. Deze plekken kunnen worden gezien als abnormale baanomstandigheden. Dat zijn omstandigheden die niet worden beschouwd als onderdeel van de uitdaging die bij het spelen van de baan hoort. Daarom is het toegestaan deze door hitte en droogte beschadigde plekken in het algemene gebied zonder straf te ontwijken. Hiervoor is (in afstemming met de NGF) de volgende tijdelijke plaatselijke regel opgesteld:

 

Schade veroorzaakt door de hitte en droogte (zoals kale zanderige plekken) in het algemene gebied, is grond in bewerking waarvan ontwijken zonder straf is toegestaan volgens Regel 16.1. Maar er is geen sprake van een belemmering als de schade alleen een belemmering vormt voor de stand van de speler. 

Vergeeld of dor gras is geen grond in bewerking.

 

Hoe bepaal ik of de regel van toepassing is?

Ligt de bal in het algemene gebied op een kale zanderige plek die is ontstaan als gevolg van de hitte en droogte, dan mag deze regel worden toegepast. Als duidelijk is dat de schade op een andere manier is ontstaan, mag de regel niet worden toegepast. Een bal in een uitgeslagen plag zul je ook nu dus gewoon moeten spelen zoals hij ligt. Ligt je bal op geel of dor gras? Dan is deze tijdelijke plaatselijke regel niet van toepassing.

Hoe kaal en zanderig moet een plek zijn om de regel te mogen toepassen?

Meestal is het wel duidelijk dat een bal op een kale zanderige plek ligt. Er zullen zich echter ook situaties voordoen waarin twijfel bestaat. Het is dan aan de speler om een redelijke inschatting te maken en te doen wat gegeven de omstandigheden redelijkerwijs kan worden verwacht (regel 1.3b(2)). Van alle spelers wordt verwacht dat zij spelen in ‘the spirit of the game’ (regel 1.2a).

Wat mag ik doen als de regel van toepassing is?

De kale zanderige plek mag zonder straf worden ontweken. Hiervoor doorloop je de volgende stappen:

  • Je bepaalt het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering, niet dichter bij de hole
  • Je bepaalt de dropzone: één stoklengte van het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering, niet dichter bij de hole
  • Je dropt een bal in de dropzone

Je mag de bal (voordat je hem dropt) schoonmaken of verwisselen voor een andere bal.

Hoe bepaal ik de grens van de GUR?

De kale zanderige plekken zijn niet scherp begrensd of lopen soms grillig in elkaar over, waardoor het lastig kan zijn de precieze grens van de GUR te bepalen. Dat is echter ook niet altijd nodig: we zijn immers op zoek naar het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering.  

Hoe bepaal ik waar ik mag droppen: the nearest (not the nicest) point of relief?

De stand van de speler is uitgesloten in de tijdelijke plaatselijke regel. De belemmering die je mag ontwijken geldt dus alleen voor de ligging en de slag. Dit maakt het zoeken naar het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering behoorlijk eenvoudiger. Het kan een al klein stukje (geel en dor) gras zijn ter grootte van een stoeptegel.

Er kan niet gekozen worden om een plekje te zoeken ‘dat wel lekker uitkomt’. Het dichtstbijzijnde punt is één punt. Binnen de dropzone vanaf dat punt mag wel worden gekozen waar je wilt droppen. 

Waarom zijn de plekken niet met blauwe verf gemarkeerd?

De verwachting is dat de droogte nog wel even aanhoudt. Dat betekent dat er (helaas) meer kale zanderige plekken bij gaan komen. Door de plekken te omschrijven in de tijdelijke plaatselijke regel, zijn we daar direct op voorbereid.  Eerder hebben we wel voor blauwe lijnen in de baan gekozen, maar omdat de plekken nu te talrijk zijn, hanteren we deze oplossing.

Waarom is het niet beperkt tot de fairways?

De schade door hitte en droogte beperkt zich niet tot de fairways. Ook rond sommige greens zijn flinke plekken die beschadigd zijn. Als we de tijdelijke plaatselijke regel zouden beperken tot ‘gras gemaaid op fairwaylengte of korter’, zou je deze schade niet mogen ontwijken zonder straf. En dat terwijl deze soortgelijk is aan de schade op de fairways. Bovendien komt dergelijke schade niet of nauwelijks voor in de echte rough, waardoor er weinig tot geen uitdaging onbedoeld mee uit het spel wordt gehaald.

Waarom geen Plaatsen?

Het beleid van de NGF omtrent Plaatsen is gewijzigd. Hierdoor hebben we als baan tegenwoordig het hele jaar door de mogelijkheid om Plaatsen van toepassing te laten zijn. Het NGF-beleid bevat echter ook enkele andere maatregelen die te overwegen zijn voordat tot Plaatsen wordt overgegaan. Eén daarvan is het aanmerken van slechte plekken in de baan als GUR, zoals wij nu doen.

Het nieuwe NGF-beleid is nadrukkelijk bedoeld om de aard van het spel zoveel mogelijk te respecteren: speel de bal zoals hij ligt en speel de baan zoals je hem aantreft. Met de huidige maatregel voldoen we daaraan. Droppen van een bal past bijvoorbeeld al meer bij die uitgangspunten dan het plaatsen van een bal.

Voor de tijdelijke plaatselijke regel Plaatsen zouden we moeten benoemen wanneer er mag worden geplaatst. Gangbaar is om hiervoor uit te gaan van het algemene gebied gemaaid op fairwaylengte of korter. Daarmee zou overal op de fairways mogen worden geplaatst. Dat sluit niet aan bij de aard van het spel, waardoor de condities niet meer Qualifying zouden zijn. Specifieke plekken benoemen waar geplaatst mag worden (zoals kale zanderige plekken) zou dit kunnen voorkomen, maar dan is het logischer om deze als abnormale baanomstandigheid te benoemen.

Tot slot zouden we voor Plaatsen een afstand moeten benoemen waarbinnen geplaatst mag worden. De traditionele kaartlengte volstaat niet voor de ontstane situatie, maar ook een clublengte biedt niet overal soelaas. 

De tijdelijke plaatselijke regel van Plaatsen biedt dus vanuit meerdere perspectieven niet de oplossing voor de huidige omstandigheden.